Aan de totstandkoming van deze digitale encyclopedie wordt nog gewerkt.

Op de Coul, Rutten & Co

Uit De historische en eigentijdse encyclopedie van Eindhoven
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Op de Coul, Rutten & Co

Op 3 april 1897 maakte de rijwielhandel Op de Coul, Rutten & Co bekend, dat de heer G.Schouten was aangesteld als chef van het te openen Eindhovense filiaal. Eindhovenaren die meer wilde weten konden hun nieuwsgierigheid bevredigen "ten huize van de heer Manders tegenover de Catharinakerk", waar al een "voorlopige expositie" was ingericht van de beschikbare modellen. Want pas op 15 mei werd naast magazijn "De Roode Handschoen" in de Rechtestraat de winkel geopend. Groot was die niet, maar dat kwam misschien omdat ruimte was gereserveerd voor een werkplaats. Want de wielrijders konden bij de nieuwe zaak niet alleen terecht voor de aankoop van een fiets, maar ook voor alle voorkomende reparaties.

Uit advertenties die de onderneming in de volgende maanden plaatste blijkt niet alleen dat zij de merken Summit, Bellis, Monarch en Trilby verkocht, maar ook dat zij van plan was "binnen enkele dagen" een geheel overdekte rijwielschool van zo'n 1.000 m2 te openen. In zo'n school konden de klanten binnen enkele uren leren fietsen. Dat was voor Eindhoven iets nieuws. Dat zo'n instelling zeker geen overbodige luxe was leerde het geval van Eindhovense dokter Van den Acker. Die had gedacht zonder hulp de kunst onder de knie te krijgen. Maar toen hij in de tuin van zijn woonhuis Ravensdonck op de hoek Vestdijk-Ten Hagestraat aan het oefenen was, was hij met zijn fiets tegen een boom gereden en verongelukt.

Ondanks het dus duidelijke nut, is de fietsschool is er vermoedelijk nooit gekomen. Blijkbaar hebben de zaken zich wat anders ontwikkeld dan de bedoeling was toen de advertentie werd opgesteld. Lang lijkt het Eindhovense filiaal niet te hebben bestaan. Ofschoon in juli 1898 in de Roermondse Maas- en Roerbode de Eindhovense winkel nog in de advertenties werd genoemd, acht ik het heel waarschijnlijk, dat de seizoensopruiming die in november 1897 in de Meijerijsche Courant werd aangekondigd tevens de slotopruiming is geweest.

Op de Coul, Rutten & Co was geen Eindhovens bedrijf. Het had zijn hoofdzetel in Roermond en behalve in Eindhoven nog filialen in Maastricht, Wageningen en Leeuwarden. Daarnaast waren er "agenten" actief in Almelo, Apeldoorn, Delft, Deventer, Meppel, Schiedam, Tiel, Veendam, Winschoten en Zwolle. In Roermond - waar ook naaimachines werden verkocht - lijken de zaken evenmin naar wens te hebben gelopen. In 1897 of 1898 werd de hoofdzetel verplaatst naar Maastricht, waarna de seizoensopruiming in juli 1898 het einde van het Roermondse filiaal lijkt te zijn geweest. In Maastricht adverteerde de onderneming toen nog steeds met filialen in Eindhoven, Roermond en Leeuwarden. Zij handelde daar eveneens zowel in rijwielen als in naaimachines.
Na juli 1898 vond ik geen advertenties meer in de Limburger Koerier. Natuurlijk is het mogelijk, dat de advertentiepolitiek was gewijzigd, maar het lijkt me waarschijnlijker dat de laatste verkooppunten nog in 1898 zijn geliquideerd.

Bronnen:

RHCe, Streekarchief Regio Eindhoven, Meierijsche Courant, 3-4-1897, 15-5-1897 en vanaf 24 juli 1897 ongeveer elke week tot 13-11-1897;
Gemeentearchief Roermond, Maas- en Roerbode, 30-5-1896, 7-8-1897, 5-7-1898, 21-07-1898 (volgens de advertentie in deze laatste krant waren er toen behalve het hoofdkantoor in Maastricht nog filialen en depots In Roermond, Eindhoven, Breda, Goes, Dordrecht, Rotterdam, Den Haag, Nijmegen, Sneek, Leeuwarden, Groningen, Winschoten, en Bergen op Zoom);
Stadsbibliotheek Maastricht, Limburger Koerier, 2-7-1898.


Jan Spoorenberg 1996